Nog dit jaar tienduizend extra medewerkers in de ouderenzorg

3 minuten leesplezier

De verpleeghuizen hebben plannen klaar om dit jaar ruim tienduizend verzorgenden, verpleegkundigen, begeleiders en ander personeel extra aan te nemen, bovenop de bestaande personeelsbezetting. Voor het eerst is concreet bekend hoeveel personeel er bij komt.

Dat schrijft minister Hugo de Jonge van volksgezondheid in een brief aan de Tweede Kamer. De verpleeg­huizen moeten dit jaar voor de eerste keer kwaliteitsplannen indienen. Voor meer dan duizend locaties in het land hebben zij afzonderlijke voorstellen klaarliggen hoe ter ­plekke de zorg voor bewoners meer ‘persoonsgericht’ gaat worden, en hoeveel extra personeel daar voor nodig is.

De financiële ruimte is al onder het vorige kabinet toegezegd. Verpleeghuizen hebben wel steeds grote twijfels geuit of het ze gaat lukken om zoveel personeel te vinden. Minister De Jonge noemt de 10.000 extra werknemers “een belangrijke vervolgstap om de zorg en aandacht voor kwetsbare ouderen te versterken”. Hij erkent dat het vinden van zoveel personeel ‘een flinke uitdaging’ is.

Langgekoesterde wens

De verpleeghuizen zijn verplicht het grootste deel van het extra geld dat ze krijgen uit te geven aan personeel, heeft het kabinet bepaald. Dat is conform de langgekoesterde wens van de Tweede Kamer dat er meer ‘handen aan bed’ komen in de ouderenzorg.

De komende weken moeten de zorgkantoren de plannen van de verpleeghuizen nog goedkeuren. Daarna komen de beloofde miljoenen beschikbaar. Voor dit jaar is er 600 miljoen extra beschikbaar, op termijn per jaar zelfs 2,1 miljard euro. De verpleeghuizen zelf denken dit jaar al iets meer nodig te hebben.

Minister De Jonge heeft de afgelopen maanden met de verpleeghuizen achter de schermen een hoog­oplopende discussie gehad over het extra geld, bevestigt het ministerie. De zorginstellingen willen dat hij hen meer vrijheid geeft op om desnoods op andere manier de kwaliteit te verbeteren dan met extra personeel. De minister hield vast aan de strenge voorwaarden.

Vicevoorzitter van werkgeversvereniging in de zorg Actiz, Jacqueline Joppe, vindt het ‘enorm jammer’ dat het percentage van 85 procent van het geld voor handen aan het bed zo vastligt. “Dat geeft weinig bewegingsvrijheid”, zegt ze. “Het zou verstandiger zijn als je kijkt naar wat een organisatie nodig heeft. Bij de een zijn dat meer mensen, terwijl de ander bijvoorbeeld een achterstand heeft op het gebied van technologie.”

Zij-instromers

Juist technologie is een manier om het werk te verlichten, stelt Joppe. De 10.000 extra medewerkers in de verpleeghuizen en thuiszorg zijn volgens haar nog wel te vinden. Maar in de jaren daarna zijn er nog meer mensen nodig. “Om dat op te vangen, moet we kijken hoe we de zorg anders organiseren en waar we technologie kunnen inzetten.”

Voor de 10.000 medewerkers die op korte termijn nodig zijn, vertrouwt Joppe onder meer op zij-instromers. “We hebben oriëntatie­banen zodat mensen drie maanden in de zorg kunnen werken tegen een basissalaris om te zien of de zorg iets voor hen is. Dat werkt goed. Ook aantrekken van de zij-instromers uit andere sectoren verloopt naar wens.”

Daarnaast hoopt Joppe op herintreders, personeel dat ooit in de zorg heeft gewerkt en nu wil terugkeren. Belangrijk om zij-instromers en herintreders aan te trekken is verandering in het onderwijs, zegt Joppe. Medewerkers die al een carrière achter de rug hebben, zitten niet te wachten op een vierjarige opleiding. Volgens Joppe moet de aansluiting tussen onderwijs en praktijk beter, en vooral sneller.

Bron: Trouw.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *